De gemeente Halderberge heft diverse belastingen en retributies. De drie belangrijkste heffingen zijn de onroerendezaakbelastingen, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing. De Gemeentewet en andere bijzondere wetten, zoals de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, geven de gemeente de juridische basis om heffingen op te leggen. Het beleid voor de lokale heffingen is vastgelegd in de diverse verordeningen en de Regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen.

De uitgangspunten die bij het vaststellen van de verordeningen zijn gehanteerd, komen gedeeltelijk voort uit het raadsprogramma 2018 – 2022. Daarnaast is de raad gebonden aan diverse wettelijke bepalingen. De uitgangspunten bestaan voor 2020 uit de volgende wettelijke bepalingen en lokale keuzes:

Wettelijke bepalingen:

  • De tarieven van de afvalstoffen- en de rioolheffing zijn maximaal 100% kostendekkend.
  • Datzelfde geldt voor de tarieven van de leges. Binnen de legesverordening is kruissubsidiëring toegestaan. Zie voor een toelichting hierop het onderdeel leges.

Lokale keuzes:

  • De tarieven van de onroerendezaakbelasting (OZB), gecorrigeerd voor de waardeontwikkelingen, stijgen niet meer dan het inflatiepercentage. Voor deze begroting bedraagt het inflatiepercentage 1,5%.
  • De rioolheffing en de afvalstoffenheffing dekken volledig de kosten.
  • Bij de bepaling van de mate van kostendekkendheid wordt de BTW in de tarieven van de afvalstoffenheffing en rioolheffing doorberekend.

Via de Zomernota 2019 heeft de gemeenteraad reeds een besluit genomen over de lokale keuzes voor 2020. Dit was deels nog op hoofdlijnen. In deze paragraaf is dat overgenomen of verder uitgewerkt. Sommige keuzes zijn herzien. Indien dat het geval is, treft u daar een toelichting op aan. Dat geldt in ieder geval voor het inflatiepercentage. In de Zomernota werd uitgegaan van 2%, maar in deze begroting is dat teruggebracht naar 1,5%. Bij de uiteenzetting van de financiële positie in deze begroting treft u hierover een korte toelichting aan.