Op 1 januari 2008 is de Wet gemeentelijke watertaken in werking getreden. Deze wet regelt dat naast de kosten voor afvoer en verwerking van afvalwater ook de kosten voor afvoer van hemelwater via de verbrede rioolheffing verhaald kunnen worden. Daarnaast is het mogelijk om kosten voor voorzieningen die verband houden met het grondwaterpeil ook via de verbrede rioolheffing te verhalen. De verwachte kosten liggen vast in het in Gemeentelijk RioleringsPlan Halderberge (GRP) 2020 – 2023 dat in september 2019 door de gemeenteraad is vastgesteld. Op basis de kosten van het GRP voor het jaar 2020 zijn, uitgaande van 100% kostendekkendheid, de tarieven voor de rioolheffing berekend.

Bij het bepalen van de rioolheffing is de methodiek van éénpersoons- en meerpersoonshuishoudens van toepassing. Bedrijven betalen tot een afname van 500 m³ het meerpersoonstarief. Bedrijven die meer dan 500m³ water afnemen worden gezien als grootverbruikers en betalen naast het meerpersoonstarief vanaf 501m³ een extra bedrag per m³.

Bij de berekening van de rioolheffing zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd:

  • bij de berekening van de tarieven van de rioolheffing wordt uitgegaan van 100% kostendekkendheid;
  • de compensabele BTW is volledig doorberekend in de tarieven van de rioolheffing;
  • bij de ontwikkeling van de lasten is uitgegaan van een inflatiepercentage van 1,5%.
Belastingplicht

De rioolheffing wordt geheven van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd.

Kosten die verbonden zijn aan de rioolheffing

Bij het berekenen van het tarief voor de rioolheffing worden diverse kosten meegenomen. Allereerst vanzelfsprekend de directe kosten die verbonden zijn aan het beheer van de riolering. U dient hierbij te denken aan het reinigen van de riolering, energielasten voor het gebruik van de gemalen en onderzoekskosten aan het rioolsysteem en de waterketen. Een ander onderdeel wat een flinke bijdrage levert aan de kosten betreft de kapitaallasten die verbonden zijn aan de investeringen in de riolering. Verleende kwijtscheldingen worden voor 40% meegenomen in de heffing, aangezien het aandeel rioolheffing hierin ongeveer dit percentage bedraagt.

Het vegen van de straten wordt voor 50% meegenomen in de heffing. Het voorkomen dat zwerfvuil en bladafval in het riool terecht komt, zorgt ervoor dat er minder kosten uitgegeven hoeven te worden aan het beheer. Een percentage van 50% wordt redelijk geacht voor dit aandeel. Voor de toerekening van de kosten van de overhead is een berekening uitgevoerd zoals aangegeven bij de algemene uitgangspunten voor de toerekening van indirecte kosten. Het percentage overhead bedraagt 5,13%.

Tarieven rioolheffing

Tarieven rioolheffing

2019

2020

Verschil

Eenpersoonshuishouden

158,76

169,32

6,65%

Meerpersoonshuishouden

211,80

225,72

6,57%

Bedrijven tot 500 m3

211,80

225,72

6,57%

Grootverbruik per m³ vanaf per 501 m³

0,22

0,25

13,64%

* De genoemde tarieven zijn gebaseerd op 100% kostendekkendheid, waarbij rekening is gehouden met het feit dat de bedragen deelbaar moeten zijn door 12. Dit in verband met de maandelijkse verrekening van aanslagen wegens vestiging of vertrek van personen

Opbrengsten rioolheffing 2020

De totale inkomsten uit de rioolheffing zijn voor 2020 geraamd op 2.958.000.

Bij de vaststelling van de jaarrekening wordt het verschil tussen de werkelijke baten en lasten die verbonden zijn aan de rioolheffing, verrekend met de Voorziening overschotten riolering.

Inzet voorziening overschotten

Op begrotingsbasis worden de tarieven voor de rioolheffing op basis van een 100% kostendekkendheid berekend. Aan het eind van het begrotingsjaar wordt bij het opstellen van de jaarrekening bepaald wat uiteindelijk het verschil is tussen de begroting en de werkelijke lasten en baten. Dit verschil, dat zowel positief als negatief kan zijn, wordt verrekend met een ingestelde Voorziening overschotten riolering. Voordelen worden in deze voorziening gestort en nadelen worden uit de voorziening onttrokken.

Bij de ontwikkeling van het nieuwe GRP is de inzet van de voorziening overschotten riolering meegenomen. Dit zorgt in de begroting voor 2020 t/m 2023 voor een minder grote stijging van de rioolheffing.