weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen is het vermogen van de gemeente om financiële tegenvallers op te kunnen vangen zonder dat de normale bedrijfsvoering wordt aangetast. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit (de middelen waarover de gemeente kan beschikken om niet begrote kosten die onverwachts en substantieel zijn te dekken) en de benodigde weerstandscapaciteit (de risico’s waarvoor geen voorzieningen of verzekeringen zijn afgesloten). Deze relatie kan op een eenvoudige wijze in de volgende vergelijking worden weergegeven.

Ratio weerstandsvermogen =

Beschikbare weerstandscapaciteit

Benodigde weerstandscapaciteit (risico’s)

De ratio voor het weerstandsvermogen is als volgt gecategoriseerd.

Situatie

Ratio weerstandsvermogen

Betekenis weerstandsvermogen

A

X > 2,0

Hoog

B

1,5 < X < 2,0

Ruim voldoende

C

1,0 < X < 1,5

Voldoende

D

0,5 < X < 1,0

Onvoldoende

E

X < 0,5

Ruim onvoldoende

De ratio weerstandsvermogen is berekend op 14.475.000 / 4.105.000 = 3,53 Dit is te categoriseren als hoog. 

De ratio van het weerstandsvermogen is voor 2020 berekend op 3,53. Zoals ook bij de eerder genoemde uitgangspunten is aangegeven, is bij de berekening van benodigde weerstandscapaciteit rekening gehouden met zowel incidentele als structurele risico’s. Hierdoor heeft het benodigde weerstandsvermogen ook een meerjarig karakter voor de komende 4 jaar. Dit zal vervolgens jaarlijks bij de zomernota en begroting worden bijgesteld met de inzichten op dat moment.

De daling ten opzichte van de ratio, zoals die voor het jaar 2020 was berekend in de Zomernota 2019 (3,66), is het gevolg van een daling van de weerstandscapaciteit met 915.000 en een lichte daling van de risico’s met 105.000.

De daling van de weerstandscapaciteit is met name het gevolg van:

  1. Een daling van de algemene reserve met 732.000 door met name het verwachte nadelige saldo over 2019 van 689.000 uit de Najaarsnota 2019. De overige 46.000 is het saldo van een aantal toevoegingen en onttrekkingen uit verschillende raadsbesluiten en mutaties gemeld in de P&C cyclus.
  2. Een daling van de algemene reserve grondexploitaties met 205.000 als gevolg van verwachte resultaten in 2019 op basis van de grondexploitaties zoals deze bij de Jaarrekening 2018 zijn vastgesteld en het actuele woningbouwprogramma.
  3. Een stijging van de onbenutte belastingcapaciteit voor de OZB met 283.000 als gevolg van de waardestijging van de WOZ capaciteit (waardestijging woningen en niet-woningen).

Het totale risicobedrag is licht gedaald. Dit wordt met name veroorzaakt door het wegvallen van het risico van het verstrekken van een hypothecaire lening aan Agora21 A bv. Het risico werd bij de Zomernota 2019 ingeschat op 124.000.